Sparen versus beleggen: waarom banken het niet wíllen snappen

De rente op spaarrekeningen nadert de 0% en banken buitelen over zichzelf heen om te benadrukken waarom je meer met je spaargeld moet doen. Je zou bijna gaan geloven dat de bank je als je beste vriend een goedbedoeld advies geeft en dat je nu toch echt in beweging moet komen om ‘iets’ met je spaargeld te doen. Laat je echter niet gek maken: sparen is een heel andere sport dan beleggen en als je goed spaart hoéf je niet te beleggen.

Wie spaart die legt iets opzij om hier later de vruchten van te plukken. Als je iedere maand een deel(tje) van je salaris op een spaarrekening stort dan heb je na verloop van tijd een spaarpotje waar je leuke (of praktische) dingen mee kunt doen. Zo hebben de meeste mensen dat van hun ouders geleerd toen ze vroeger klein waren en zo werkt het nog steeds: sparen betekent ‘opzij leggen’ en niet nu uitgeven, maar ‘later’.

Vroeger was er naast het sparen nog een extra reden om je geld op een spaarrekening te storten: de spaarrente. Toen ik klein was hadden we spaarrentes van 6% tot wel 10%. Als je dan 100 gulden op je spaarrekening had staan, was dat geld het jaar erop al 110 gulden. Tegenwoordig is dat niet meer zo en wordt je spaargeld niet automatisch meer waard. Heel erg is dan niet, want zo werkt sparen ook niet: je moet zelf steeds wat bijstorten om het bedrag hoger te krijgen. Veel mensen lukt dat prima. Saldo’s op spaarrekeningen worden alsmaar hoger, er is dus niks mis met de spaarvaardigheid van veel Nederlanders.

Banken zijn echter van mening dat ze iets moeten vinden van al die groeiende saldo’s en zien hun kans schoon om het beleggen nog maar eens onder de aandacht te brengen. Mensen die een deel van hun spaargeld gebruiken om te beleggen in fondsen en aandelen zijn er al zolang er banken zijn. Voor hen hoeft dat sparen allemaal niet meer zo en ze hebben vaak al een gedegen saldo op hun spaarrekening. Het beleggen van spaargeld is echter niet zonder risico’s (hoewel het rendement ook prima kan zijn). Laat duidelijk zijn dat de bank geen enkel risico loopt als jij gaat beleggen. En dat is precies wat me dwarszit van het continue gepromoot van beleggen: het leidt succesvolle spaarders af van het sparen.

Ik verwacht van een bank dat deze heel onbaatzuchtig het spaargedrag van hun cliënten beloont door hiervoor complimenten te geven, misschien zelfs door een jubelende ‘u hebt deze maand alwéér uw spaardoel gehaald, gefeliciteerd’, of een ‘laat u niet ontmoedigen door de deuk in uw spaarbuffer deze maand, houd gewoon vol’.

Maar als je dan toch wilt gaan beleggen, volg dan je eigen neus. Beleg eens een klein (of fictief) bedrag in een aandeel van een bedrijf waar je zelf écht in gelooft en kijk hoe dat aandeel zich over een paar maanden tot een jaar ontwikkelt. Gaat het de goede kant op? Dan is jouw neus misschien wel in staat om grotere bedragen sneller te laten groeien dan je kunt sparen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *